De PIERRE Pro temperatuursensor (SKU PP-TEMP) meet de temperatuur in een ruimte en stuurt die naar uw PIERRE Pro-controller. U sluit hem met drie draden aan: 5 V, GND en het signaal. De controller levert de 5 V. De sensor meet van -55 tot +125 °C en werkt bedraad, dus zonder batterij. Deze handleiding legt uit wat u nodig heeft, hoe u de sensor bedraadt en hoe u hem in de Smart PIERRE-app toevoegt.
Deze handleiding hoort bij ons overzicht van de PIERRE-sensoren en bij de PIERRE smart home handleiding. Gebruikt u de meting voor verwarming of koeling? Lees dan ook hoe PIERRE thermostaten, radiatorkranen en vloerverwarming met elkaar werken.
PIERRE Pro temperatuursensor: een meetbereik van -55 tot +125 °C, 5 V van de controller en bescherming tegen overspanning, kortsluiting en verkeerde polariteit.
Bekijk productWat is de PIERRE Pro temperatuursensor en waarvoor gebruikt u hem?
De sensor is een meetelement voor temperatuur. De controller leest de waarde uit en gebruikt die voor regelingen in de app. Het systeem gebruikt een temperatuursensor bijvoorbeeld om te bepalen of een ruimte te warm of te koud is. Volgens de manual is één sensor het minimum voor basisregeling van verwarming of koeling. In de praktijk plaatst u er één per zone of ruimte waar u afzonderlijk wilt regelen.
De sensor meet 12,5 × 38,5 × 6 mm. Het is een bedrade sensor die op een configureerbare ingang van de controller hangt.
Wat heeft u nodig?
De sensor heeft een PIERRE Pro- of Lite-controller met een vrije Configurable I/O-pin nodig. De 5 V voor de sensor komt uit de controller. De controller zelf werkt op 12 V DC en heeft daarom een 12 V-voeding nodig.
- PIERRE Pro temperatuursensor (PP-TEMP): de sensor zelf.
- PIERRE Smart Home controller Pro (PP-C-PRO): de controller met configureerbare I/O-pinnen.
- Of PIERRE Smart Home controller Lite (PP-C-LITE), die de manual ook noemt.
- DIN-railvoeding 12 V/2 A (PP-PWR-2A-DIN): de 12 V DC-voeding voor de controller.
- Bedrading: per sensor één kabel met drie aders: Cat 5 U/UTP, 0,2 mm² (24 AWG), maximaal 100 m.
Wilt u naast de temperatuur ook de luchtvochtigheid meten? Dan past de Modbus-variant. Die staat in een eigen handleiding en gebruikt dezelfde controller.
Hoe sluit u de temperatuursensor aan?
De controller en de voeding staan in de meterkast. De 230 V-aansluiting van de voeding laat u door een gekwalificeerde elektricien doen. De sensor zelf bedraadt u daarna met de stappen hieronder, met de spanning uit.
Stap 1: Leg één kabel van drie aders Gebruik per sensor één Cat 5 U/UTP-kabel met drie aders van 0,2 mm² (24 AWG). De manual noemt de kabel met +5 V, GND en SIGNAAL. Een Cat 5-kabel heeft acht aders. U gebruikt er drie, de overige laat u vrij.
Stap 2: Verbind de voeding met +5 V Sluit de voedingspin (Power +) van de sensor aan op de 5 V-uitgang van de controller.
Stap 3: Verbind de massa met GND Sluit de min-pin (Power –) aan op GND van de controller. Daarmee is de voedingskring compleet.
Stap 4: Verbind het signaal met een pin Sluit de signaaldraad (Output) aan op een vrije configureerbare I/O-pin van de controller. Welke pin dat is, kiest u later in de app.
Stap 5: Houd de datakabel uit de buurt van hoogspanning Leg de datakabel niet naast kabels met hoge spanning. De manual adviseert dit uitdrukkelijk.
Tip van de specialist
Let op de rolverdeling van de draden. Als de voeding of het signaal verwisseld is, geeft de sensor geen waarde. Controleer voor het aanzetten van de spanning dat +5 V op Power + zit, GND op Power – en het signaal op de Output-draad. Heeft u een akoestische draadzoeker en -generator, dan kunt u de draden daarmee natrekken.
Staat de bedrading erop? Dan is de controller de volgende stap.
Bekijk de temperatuursensor Alle PIERRE-producten
Hoe voegt u de temperatuursensor toe in de Smart PIERRE-app?
De sensor voegt u toe als Configurable I/O aan de controller. De manual beschrijft dat voor het type New Temperature sensor - DS18B20, de sensor die in de app als temperatuurmeting staat.
Stap 1: Kies de controller Tik in de app op de controller waaraan u de sensor wilt toevoegen.
Stap 2: Open de configureerbare I/O Tik op het tabblad Configurable I/O en daarna op de knop Add.
Stap 3: Kies het type Kies in de lijst New Temperature sensor - DS18B20.
Stap 4: Vul de gegevens in Geef de sensor een Name en kies een Roles. Vul de Identifier in als uw elektrische project er een gebruikt.
Stap 5: Kies de pin Tik op de radioknop bij de Pin waar u de sensor op hebt aangesloten. Bevestig met Save/Done.
Stap 6: Stel het adres in Tik bij Address op +/-. Dat vult het adres van de sensor in.
Stap 7: Sla op Tik op Submit and Save.
Bij meer sensoren op dezelfde controller staat elke sensor op een eigen pin. Alleen andere DS18B20-sensoren mogen op dezelfde pin met een eigen adres. Meer over de configureerbare I/O-pinnen leest u in de handleiding van de Pro-controller.
Welke instellingen heeft u in de app?
Bij de sensor kiest u in de app de volgende instellingen.
| Instelling | Wat u kiest |
|---|---|
| Name | Een naam die de ruimte aangeeft, zoals "Woonkamer" of "Kinderkamer". |
| Roles | De rol van de meting in de installatie. U kunt meerdere rollen kiezen. |
| Pin | De configureerbare I/O-pin van de controller waarop de sensor zit. |
| Identifier | De identificatie van de ingang in het elektrische project. |
| Address | Het adres van de sensor, ingesteld met +/-. |
De manual stelt dat kalibratie in de Smart PIERRE-app optioneel is. De offset is er om de meting fijn af te stellen. Kalibreren is niet altijd nodig. Het is wel nuttig in deze situaties:
- de meting wijkt af van een referentie-thermometer;
- de sensor zit waar elektronica, zon of slechte luchtcirculatie de meting beïnvloeden;
- de installatie vraagt om precieze regeling.
Is de sensor fabrieksgekalibreerd op ±0,5 °C of beter, dan is kalibreren voor gewone comfortregeling vaak niet nodig, zo stelt de manual.
Waar plaatst u de temperatuursensor?
Plaats de sensor op ooghoogte, uit de tocht en uit de buurt van buitenmuren. Zo meet hij de ruimte en niet de muur of de luchtstroom. De manual noemt ook elektronica, zonlicht en slechte luchtcirculatie als factoren die de meting beïnvloeden. Kies daarom een plek waar die invloeden ontbreken.
Problemen oplossen
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De sensor geeft geen waarde. | GND, +5 V of de datadraad is niet goed aangesloten, of de polariteit is omgekeerd. | Controleer GND, +5 V en de datadraad op de controller. Draai de voeding om als de polariteit verkeerd is. |
| Er komt helemaal geen signaal. | De sensor zit op een 12 V-ingang of de draden zijn niet vastgezet. | Controleer of de sensor op een configureerbare I/O-pin zit en niet op een 12 V-ingang. Wacht 5 tot 10 seconden op de eerste meting. |
| Nog steeds geen signaal. | De sensor of de pin is defect. | Zet de sensor op een andere configureerbare I/O-pin. Wissel anders twee sensoren om. |
| Een tweede sensor op dezelfde pin werkt niet. | Op één pin horen alleen DS18B20-sensoren met elk een eigen adres. | Verwijder andere apparaten van die pin en geef elke sensor een eigen adres. |
| Verwachte temperatuur klopt niet. | De sensor is niet gekalibreerd of zit op een slechte plek. | Controleer met een referentie-thermometer. Kalibreer zo nodig via de offset in de app. |
| Meting onvoldoende betrouwbaar. | De datakabel ligt naast hoogspanning of is te lang. | Houd de datakabel uit de buurt van hoogspanning. Het maximum is 100 m op Cat 5 U/UTP. |
Technische specificaties
| Eigenschap | PP-TEMP |
|---|---|
| Type | Bedrade temperatuursensor (DS18B20) |
| Afmetingen | 12,5 × 38,5 × 6 mm (B × H × D) |
| Gewicht | 3 gram |
| Meetbereik | -55 tot +125 °C |
| Voeding | 5 V DC van de controller |
| Bedrijfsvochtigheid | 5 tot 90% RH, niet condenserend |
| Hoogte | Tot 3000 m |
| Beveiligingen | Overspanning, kortsluiting en verkeerde polariteit |
| Aansluiting | Pin-indeling: Power +, Power – en Output |
| Bekabeling | 3 aders, Cat 5 U/UTP, 0,2 mm² (24 AWG), maximaal 100 m |
Verpakt weegt de sensor 5 gram, in een verpakking van 4 × 1 × 2 cm.
PIERRE Pro temperatuur- en vochtigheidssensor Modbus: temperatuur en luchtvochtigheid via Modbus, met een meetbereik van -40 tot +120 °C en een resolutie van 0,1 °C en 0,1% RH.
Bekijk productBekijk de temperatuursensor Alle PIERRE-producten
Veelgestelde vragen
Heeft de sensor 5 V of 12 V nodig?
De sensor krijgt 5 V van de controller, en de manual noemt dat als voedingsspanning. De controller zelf heeft een 12 V-voeding nodig.
Kan ik de sensor op een 12 V-ingang aansluiten?
Nee. De manual schrijft voor dat de sensor op een configureerbare I/O-pin hoort, niet op een 12 V-ingang.
Hoe lang mag de kabel zijn?
Het maximum is 100 m op Cat 5 U/UTP. Leg de datakabel niet naast hoogspanningskabels.
Hoeveel temperatuursensoren heb ik nodig?
Minimaal één voor basisregeling. Voor een aparte regeling per ruimte of zone plaatst u er één per ruimte. Zo regelt elke zone op de eigen meting. Meer hierover leest u in vloerverwarming per ruimte regelen met thermostaat en thermische klep.
Hoe controleer ik of de sensor stroom krijgt?
Meet bij de sensor tussen GND en 5 V en tussen de datadraad en GND. Beide metingen moeten ongeveer 5 V aangeven. Als dat niet zo is, controleer dan de bedrading.
Wat zijn configureerbare I/O's?
De configureerbare I/O-pinnen op de controller verwerken digitale sensor- en stuursignalen. De manual noemt de DS18B20-temperatuursensor, de BH1750-helderheidssensor en 0–10 V-aansturing als voorbeelden.
Kort samengevat
- De PIERRE Pro temperatuursensor meet van -55 tot +125 °C en werkt bedraad op 5 V van de controller.
- Sluit de sensor aan op een configureerbare I/O-pin en voeg hem toe in de Smart PIERRE-app met het type DS18B20.
- Plaats de sensor op ooghoogte, weg van tocht en buitenmuren, en kalibreer alleen als de meting afwijkt.
Hulp nodig bij de bedrading of het kiezen van de controller? Mail info@wifi-center.nl of stuur een bericht via de contactpagina. Werkt u voor een zakelijk project? Bekijk dan ook zakelijk bestellen bij WiFi Center.






